Bibliografie

Gods gevangene

Wilma Vermaat

Categorie: Boeken
Subcategorie: Diversen

Uitgever: Bosch & Keuning
Jaar: 1988
ISBN: 9024646413

God’s gevangene door Wilma is de eerste protestants-christelijke roman waarin een homofiele man centraal staat. Het boek verscheen in 1923 en werd, vooral door christelijk Nederland, met banbliksems bestookt.
God’s gevangene is het levensverhaal van Barto, de steun van zijn moeder en van zijn invalide vriendje. Als onderwijzer wordt hij door zijn leerlingen op handen gedragen. Na de zelfmoord van een homofiele collega ontdekt Barto dat hij zelf ook ‘anders’is, een ‘Uraniër’.
Vanaf die tijd draagt hij een masker, want hij begrijpt dat de maatschappij hem zal uitstoten als bekend wordt hoe hij is. Een verloving brengt geen oplossing. Barto wordt gesignaleerd, vooral nadat hij zijn invalide vriend een kus heeft gegeven. Hij leeft nu als een gevangene van de samenleving, totdat hij ontslagen wordt en overspannen uitwijkt naar het platteland. Daar ontmoet hij iemand die tegen hem zegt: ‘...als God deze begrenzing in uw leven gebracht heeft dan bent u niet een gevangene van de menschen, van wie ook, dan bent u God’s gevangene.’ ‘Het was voor Barto alsof Christus zelf rondging en brood deelde.’
De roman hield nog jaren de gemoederen bezig. Een herwaardering van christelijke zijde kwam op gang. In 1963 schreef prof. dr. K. J. Popma dat hij God’s gevangene als één van de beste boeken inzake homofilie beschouwde, omdat ‘menselijk mededogen en Bijbelse naastenliefde beide een volle maat krijgen’. Gerrit Komrij schreef in 1980 in NRC Handelsblad over God’s gevangene: ‘Wilma’s stem klinkt zeldzaam zuiver...’
Na 65 jaar verschijnt nu voor het eerst een herdruk van God’s gevangene. Hans Werkman heeft het voorzien van een voorwoord. Hij plaatst de roman in zijn sociale context en geeft o.m. een overzicht van de persreacties op het boek.
God’s gevangene door Wilma is de eerste protestants-christelijke roman waarin een homofiele man centraal staat. Het boek verscheen in 1923 en werd, vooral door christelijk Nederland, met banbliksems bestookt.
God’s gevangene is het levensverhaal van Barto, de steun van zijn moeder en van zijn invalide vriendje. Als onderwijzer wordt hij door zijn leerlingen op handen gedragen. Na de zelfmoord van een homofiele collega ontdekt Barto dat hij zelf ook ‘anders’is, een ‘Uraniër’.Vanaf die tijd draagt hij een masker, want hij begrijpt dat de maatschappij hem zal uitstoten als bekend wordt hoe hij is. Een verloving brengt geen oplossing. Barto wordt gesignaleerd, vooral nadat hij zijn invalide vriend een kus heeft gegeven. Hij leeft nu als een gevangene van de samenleving, totdat hij ontslagen wordt en overspannen uitwijkt naar het platteland. Daar ontmoet hij iemand die tegen hem zegt: ‘...als God deze begrenzing in uw leven gebracht heeft dan bent u niet een gevangene van de menschen, van wie ook, dan bent u God’s gevangene.’ ‘Het was voor Barto alsof Christus zelf rondging en brood deelde.’
De roman hield nog jaren de gemoederen bezig. Een herwaardering van christelijke zijde kwam op gang. In 1963 schreef prof. dr. K. J. Popma dat hij God’s gevangene als één van de beste boeken inzake homofilie beschouwde, omdat ‘menselijk mededogen en Bijbelse naastenliefde beide een volle maat krijgen’. Gerrit Komrij schreef in 1980 in NRC Handelsblad over God’s gevangene: ‘Wilma’s stem klinkt zeldzaam zuiver...’Na 65 jaar verschijnt nu voor het eerst een herdruk van God’s gevangene. Hans Werkman heeft het voorzien van een voorwoord. Hij plaatst de roman in zijn sociale context en geeft o.m. een overzicht van de persreacties op het boek.